The Perfect Trip.reismee.nl

Yoho N.P. - Golden

Op een parkeerplaats overnachten leek geen goed idee. De winterse temperaturen kwamen opsteken, en dat in de Rocky Mountains. We hadden geen verwarming en 's morgens stond er net geen ijs aan de binnenkant van de camper. Niet alleen voor ons was het geen aanrader, maar ook voor de camper, daar we met een watertank zaten je weet nooit moest er iets bevriezen, dan is het gedaan met de leute. We besloten het weerbericht op de voet te volgen en de komende dagen op campings te overnachten. Met de verwarming op volle bak lieten we Lake Louise achter ons en reden het volgende Nationale Park tegemoet : Yoho, het kleinste van de 4 parken. Net zoals op alle wegen krioelt het hier van de blinkende Amerikaanse trucks die ondanks zwaar geladen ons inhalen als een fluitje van een cent. Veel van ds trucks komen recht uit "American Loggers" van op Discovery Channel, waarbij ze beladen zijn met 2 aanhangwagens met immense boomstammen als vracht. Ze scheuren als "king of the road" over de wegen. Hiermee wil je echt geen accident tegenkomen. Een ander vervoermiddel dat in heel Canada sterk aanwezig is en bijna parallel loopt met elke weg is de trein, en ja ze lopen ook naast 80% van alle campings. Dus kan je voorstellen dat er bijna om de 15' een trein passeert met honderden goederenwagons..das effe wennen...elk stadje heeft hier wel zijn eigen spoorwegmuseum. We reden Yoho binnen, en hadden al heel wat gelezen over Lake O'Hara. Het blijkt een schitterende omgeving te zijn, waar maar 42 toeristen per dag naartoe mogen komen, hierdoor moet je minimum 3 mnd op voorhand boeken. We passeerden even en vroegen hoe het juist verliep. Normaal zat alles vol, maar als er mensen niet afkomen bestond er een waterkansje dat we nog meekonden met de shuttlebus richting Lake O'Hara. De parkranger raadde ons aan nog te wachten, en ja hoor het geluk stond weer aan onze kant, want we mochten mee. Een ander koppel die later kwam en ook niet gereserveerd had, zag dit aanbod aan hun neus voorbij gaan. Met een halve bus reden we 11 km hogerop in de bergen. We hadden ons gelukkig dik ingepakt, want op de top was het aan vriezen. We besloten de Lake O'Hara trail te doen, een wandeling van 2,8 km rond het gelijknamige meer, en dit in alle stilte, geen massatoerisme, hier zijn echt geen woorden voor. Een spiegelglad azuurblauw meer omgeven door de bergen met besneeuwde toppen. Onbeschrijfelijk.

De die hards deden trekkings met rugzak en besloten te overnachten in de wildernis, wat je ook op voorhand moest boeken. Wat opviel was dat iedereen een bearspray aan zijn riem had hangen en/of de bekende "bearbell"...Na enkele schitterende wandelingen in de eerste poedersneeuw, genoten we van een welverdiende warme chocomelk en namen de bus om 14u30 terug naar de parking. Onze dag kon nu al niet meer stuk. De weg is opnieuw prachtig, waar de goudkleurige bladeren van de bomen oplichten tussen de donkergroene dennen. Alles in het park is genaamd naar de rivier die er door stroomt, de Kicking Horse. Even buiten het enige dorpje Field liggen de (als je alle cascades telt) de 380 m hoge Takakkaw watervallen. Het wegje er naar toe, is al een avontuur op zich, wetende dat ze in een haarspeldbocht speciaal een verlengstuk hebben gemaakt om je bocht te kunnen nemen, en dat terwijl er een korte sneeuwval bezig was, ondanks de koude had ik toch vrij warm.

Deze waterval is de op een na hoogste in Canada. Op de terugweg was het wolkendek weer opengetrokken, en was de zon van de partij, van wissselvallig weer gesproken, en dat is hier bijna dagelijkse kost. Je staat op in vrieskou en tegen de middag is zomerweer. Maar nu terug naar Yoho, waar we nadien nog een stop gemaakt hebben bij Natural bridge, een brug uit natuursteen waardoor de kolkende Kicking Horse rivier zich een weg heeft gebaand, en het smaragdgroene Emerald Lake. We waren er te laat om de 5 km lange wandeling te doen rond het meer. We lieten Yoho achter ons en overnachten op een camping municipal met elektriciteit, zalig...maar helaas ook weer gelegen aan een spoorweg.

Waterton - Kimberley - Radium Hot Springs - Lake Louise

Ondertussen hebben we de kaap van de 2500 km op onze teller overschreden en laten we Waterton achter ons. Enkele km voorbij het park zagen we een wijzer staan richting "Bizon Paddock". We besloten hier in te rijden. Na een vieuwpoint begint een klein reservaat met een loop van 4 km waar je kan rijden. Na enkele ogenblikken stonden we met onze camper oog in oog met de imposante bizons. In totaal zagen we een 8tal die zomaar rondliepen en de straat overstaken. Na onze passage op de Crowsnest Pass maakten we een stop in Fort Steele, wat bekend staat voor zijn openlucht museum a la Bokrijk. De tijdzones in British Columbia bestaat uit 2 zones : de pacific time (8u verschil) en de mountain time (7u verschil). Blijkbaar was het tijdstip in Fort Steele weer anders waardoor we slechts een uur voor sluitingstijd aankwamen. Hierdoor moesten we geen ingang meer betalen...Op zich was het wel de moeite waard om eens langs te rijden. We reden een stukje terug, en besloten te overnachten naast het visitor centre in Kimberley "Het Beieren van Canada". Opeens kom je terecht op de verkeersvrij Platze met blokhutachtige restaurants met de naam Mozarts House, waar ze gerechten als braadworst, apfelstrudel met vanille ijs, kaasfondue, schnitzels serveren. Aan de verlichtingspalen hangen kleurrijke ruikers, en speelt klassieke muziek uit de luidsprekers.

De volgende ochtend reden we richting noorden naar Radium Hot Springs. Het stadje kent maar een hoofdattractie, namelijk de hotsprings. We rijden het dorpje buiten en rijden via een steile bergpas Kootenay National Park binnen, waar de eigenlijke warmwaterbronnen zich bevinden. Rond de warmwaterbron is er een soort zwembadcomplex gemaakt, waar je heerlijk kan relaxen en genieten van het 37 a 40 graden warme zwembad, en het "koelere" zwembad is 27 graden. Hier in het zwembad kwamen we het Nederlands/Engels koppel tegen dat we ontmoet hadden, de dag dat we onze camper gingen ophalen. We stonden naast elkaar te wachten op de ferry richting Vancouver Island. Na deze meer dan welgekomen relaxmomentje reden we verder door Kootenay N.P. en maakten we stops bij enkele spectaculaire watervallen, de fascinerende Paint Pots en de Marble Canyon, waar 7 bruggen de canyon overbruggen. Opnieuw een heel andere omgeving met schitterende uitzichten...wat zijn we toch echte gelukkzakken dat we dit kunnen meemaken. Op zich ben je op 1 dag door Kootenay np en besloten we op een parking in Lake Louiss te logeren....

Waterton

De volgende ochtend was het al wat kouder. Daar we niet op een camping stonden hadden we geen elektriciteit, dus ook geen verwarming. De extra dekens die we kregen bij het verhuurkantoor kwamen voor de eerste keer van pas. Het werd een regenachtige, bewolkte dag, dus geen wandelweer. We besloten voor ontbijt naar een soort theehuisje te gaan, waar ze volgens oma's recept heerlijke boterkoeken maken met kaneelsmaak. Te vergelijken met onze kleverige Diksmuidse boterkoeken. Nadien gingen we naar het wassalon zodat we propere kledij hadden. In de late middag droop de regen af, en gingen we weer naar het punt waar we de avond voordien die groep wapitis zagen staan. We stonden er alleen en we hadden geluk, want deze keer stonden ze dichterbij en konden we opnieuw prachtige foto's nemen. Daarna reden we door naar een van de 2 parkwegen vanuit Waterton. We kozen om vandaag nog naar de Red Rock Canyon te gaan. Zoals de naam het zegt bestaat de canyon uit donkerrode rotsen, waar ook hier een glashelder stroompje doorkabbelt. Nadien bezochten we nog een waterval, maar ook hier stond er een waarschuwing voor beren. Echt op haar gemak was Lindsey niet, en we hebben de korte wandeling in een recordtempo afgelegd. Op de terugweg naar Waterton stond er opeens enkele auto's stil voor ons, en zagen we hoog op de steile afgrond een zwarte beer naar beneden komen. Ondanks de verre afstand zagen we dat het een groot exemplaar was. s Avonds zijn we heerlijk gaan eten in het pittoreske stadje.

Na een stevig porrage ontbijt reden we de andere bergpas op, de Akamina Parkway richting Cameron Lake. Na een slingerende bergpas van 16 km kwamen we aan het eigenlijke meer aan. Ook hier stond er opnieuw bij aanvang van de trail, dat we het pad niet mochten verlaten omwille van aanwezigheid van zwarte en grizzlyberen. Samen met een Canadese vrouw deden we de trail, met een klein hartje maakten we veel lawaai met onze stem om de beren af te schrikken. Een berenspray is hier geen overbodige luxe, maar dat weten we voor de volgende keer. Na de voorziene afstand van 1,5 km besloten we dat het welletjes was geweest en keren terug naar het startpunt...gelukkig heelhuids. Nadien maakten we nog een korte wandeling naar een kleiner meer, Akamina Lake. We zagen verse voetsporen, maar niet van een beer, wel van een hoefdier. Aan het meer spotten we 2 mannelijke elanden. Opnieuw wildlife dat we op ons lijstje mogen aanvinken...nadien reden we very happy verder, de zon was van de partij en namen foto's van spiegelgladde meren met prachtige reflexties. Zo, dat was Waterton, toch echt de moeite waard

Lake Louise - Banff - Waterton Lakes NP

Nadat we Lake Louise achter ons lieten, reden we naar het stadje Banff. Het is een zeer gezellig stadje waaruit je diverse wandelingen kan maken. Het informatiebureau is gelegen in het gezellig stationgebouw. Daar we op schema zaten, besloten we de lange ommeweg naar Waterton Lake NP te doen, gelegen op een 300 km van Banff. Het ligt ten zuiden van Calgary tegen de Amerikaanse staat Montana. Het was de bedoeling om de parkway te nemen door het landschap van Kananaskis, maar door een navigatiefout zaten we op een andere weg die ook naar Waterton liep. We reden even door het Kananaskis landschap waar ooit enkele scenes zijn opgenomen vande film Brokeback Mountain. Een totaal ander landschap dan de vorige dagen. Geen bergen, alleen maar vegetatieloze bruingele prairies waar paarden staan te grazen. Toch biezonder hoe het landschap op 1 dag kan varieren. We reden langs dorpjes met vergane glorie met namen als Black Diamond, Turner valley. Hier is de tijd echt blijven stilstaan. Hier zie je nog saloons zoals we ze kennen uit de films, de mannen lopen hier met cowboyhoeden rond. Het zij net die kleine dorpjes die je reis een speciaal cachet geven. Niet zoveel toeristen passeren hier, daar de meeste vertrekken vanuit Calgary en de autosnelweg nemen, en de anderen komen vanuit de VS. De heuvelachtige landschappen kan je zo thuiswijzen in Schotland of Ierland. Na een lange vermoeiende dag arriveerden we bij valavond aan het nationaal park. We toonden onze parkpas en konden zomaar doorrijden. Ondertussen was het flink aan het afkoelen toen we opeens aan de kant van de weg een hert zagen met een immens gewei. Aan de andere kant van de weg stond er ook een file van auto's in de verte, we reden erheen en zagen een groep wapitis met enkele mannetjes met immense geweien. We hoorden ze van op afstand als het ware balken en hoorden het geknetter van de geweien die in elkaar haakten tijdens een gevecht. We bleven hier muisstil staan en genoten met een 20 andere toeristen van het spektakel. Ondertussen was het donker geworden en besloten we te overnachten op een parking aan de haven.

Waterton is tot tegenstelling van alle vorige parken opvallend minder toeristsich, mede doordat het ofwel zo ver afgelegen ligt of minder bekend is. Desondanks het park op de lijst staat van UNESCO.Een ding zijn we heel zeker na ons verblijf hier. Het was zeker de moeite om hierheen te komen. De volgende verslagen volgen als ik opnieuw internet heb. Groetjes van 2 "very happy people".

Jasper - Banff via de Icefield Parkway

Opnieuw eerst de vuile taakjes doen vooraleer we onze reis verder zetten. Het lozen van vuil watertank verloopt met een ingenieus systeem, geen gedoe met chemische wc's. Je ziet dat Canada het land is is om te bereizen met een camper. Alle faciliteiten zijn super uitgewerkt. Vooraleer we afscheid namen van Jasper, bezochten we nog even Patricia Lake en Pyramid Lake. De weergoden waren ons vandaag niet gunstig, het was bewolkt en een donkere wolkendek, dat beloofde weinig goeds. We waren nog maar vertrokken ui Jasper en de regen barste los. Dat beloofde voor vandaag...vandaag reden we over een van de mooiste wegen en dat met regen, regen en regen. We reden langs Columbia Icefield Parkway en zagen in de verte onder de wolken de bekende Athabasca gletsjer..Hier kan je met een speciaal voertuig op de gletsjer rijden, wat zeer toeristisch was. We kozen voor een gloednieuwe attractie namelijk de Glacier Skywalk. Een attractie die pas open is van mei 2014. Een brug in een halve cirkel die boven de vallei hangt en waar je (normaal) een schitterend zicht hebt op de gletsjer. Een pittig detail, de brug bestaat volledig uit glas en heeft een glazen bodem. Voor deze attractie moet je je eerst 6 km verder aanmelden en dan wordt je met een speciale bus naar de brug gebracht. Voor de eerste keer werden we geconfronteerde met de smakeloze geklede Japanse toeristen. Met bussen komen ze hier naartoe. Later zal blijken dat de helft van Japan op bezoek is in Canada, en de andere helft zit waarschijnlijk in Brugge. Op zich was een leuke ervaring, alleen jammer van het weer.

We hadden vernomen dat de volgende dag mooer weer gingen zijn en besloten tijdig te stoppen en te overnachten op een camping voor het Saskatchewan kruispunt. De volgende dag was laura de zon opnieuw van de partij en waren we zeer blij dat we de 2e helft van deze mooie route met mooi weer kunnen bewonderen. Tussen Saskatchewan en Lake Louise is het mooiste stukje weg van de hele reis. We stoppen aan elke uitkijkpunt en nemen foto's van de glasheldere zuurblauwe meren met de Rocky Mountains op de achtergrond. Fenomenaal, dit valt echt niet te beschrijven. We stopten aan Mistaya Lake en Mistaya Canyon, het magische Peyto Lake, Bow Lake en Crowfood Glaciar (gletsjer in vorm van kraaiepoot). Onze laatste stops voor Lake Lousie was Hector en Hubert Lake. Voor de geïnteresseerden moet je bovenstaande maar eens opzoeken, dan zal je zien dat we echt niet overdrijven. Op een van de stops kwamen we een koppel tegen uit Antwerpen, we wisselden wat info uit en ze gingen richting Waterton lake N.P. Ik had ook al over dat park gelezen. Het is het meest zuiderlijke nationale park van de Rocky Mountains, het is minder bekend, maar blijkt heel mooi te zijn en staat op de lijst van UNESCO. Het ligt aan de grens met de Amerikaanse staat Montana. Maar dit even ter zijde, en terug naar Lake Morraine wat onze laatste stop zou zijn voor vandaag. Ondertussen zijn we sinds gisteren de grens tussen Jasper NP en Banff NP overgestoken. Goed om te weten dat Lake Morraine en Lake Louise de meest gefotografeerde meren zijn van West Canada. Net zoals je Peru niet kan gezien hebben zonder de Machu Picchu, kan je West Canada niet gezien hebben zonder deze meren. Aangekomen in het stadje Lake Louise, hoe kan het ook anders, namen we de afslag naar het 11 km verder gelegen Morraine Lake. Eens aangekomen was de parking eivol met auto's en bussen met Japanners met meterslange telelenzen. Er was nergens nog plaats om te parkeren en besloten morgenochtend voor de invasie terug te komen. We probeerden eens bij het andere meer Lake Louise. Ook hier stond de immense parking eivol, maar gelukkig was er een aparte camperparking. We wandelden naar het Lake, en zagen dat dit echt DE place to be was. Al snel gingen we weg en deden een korte maar steile klim van 1,4km waar je een prachtzicht hebt over het prachtige meer met een enorm groot hotel op de achtergrond. Hier kwamen we amper mensen tegen. Het was een inspannende tocht,maar met zo'n uitkijk vergeet je alles. De volgende ochtend was opnieuw vroeg opstaan, want we wilden op ons gemak het meer bewonderen voor de Japanse invasie kwam. Wat ons opviel tijdens de ochtendrit naar het meer waren de grote signalisatie borden ivm beren en de wettelijk bepaalde afspraken. Nadat we vanop een vieuwpoint zonder veel andere om ons heen het meer bewonderde waren we van plan om nog een korte wandeling te maken, alleen....ook hier stond een groot signalisatiebord waar je niet kan naast kijken dat je minimum met 4 moet zijn om te wandelen omwille van de beren. . Indien je dit niet doet en de parkranger komt je tegen riskeer je een boete van $5000. Het is bij wet verboden, net zoals bij ons het dragen van autogordels. We wachten even bij het bord met de hoop om mensen te ontmoeten die ook deze wandeling wilden doen, maar helaas, het bleef bij onze aziatische vrienden die met gympjes naar boven wandelden om de nodige foto's te nemen en dan weer in de bus te stappen. Daar we geen Chinese vrijwillergs vonden, besloten we de moed maar op te geven, en een wandeling te maken langs het meer, wat wel mag. Op zich een zeer mooie wandeling waar de kleuren van het glashelder water steeds veranderden.

Clearwater - Jasper N.P.

Vandaag opnieuw vroeg uit de veren, en we gingen onze benen strekken met onze dagelijke ochtendwandeling. Deze ochtend werd het een ochtendwandeling langs Bailys Chute. Na een uurtje stappen, waar we geen kat zijn tegengekomen reden we op ond gemakje terug uit het park met nog een tussenstop aan de 140m hoge Helmcken Falls en nadien de Dawson Falls. We reden het park uit en reden via Blue River richting Jasper. We hoopten in Blue River een stop te maken om met Blue River safari beren te gaan spotten. We vernamen dat de laatste 2 boottochten niets had opgeleverd ivm wildlife en besloten verder te rijden naar Jasper. Het werd opnieuw een prachtige rit met onvergetelijke vieuws en eindeloze vlakten. Ik kan iedereen Canada aanraden. Perfect wegennetwerk, en schilderachtige landschappen. We kwamen aan de grens van het nationaal park en besloten een jaarpas te nemen. Dit is interessanter indien je langer dan 6 dagen in alle nationale parken blijft. Daar Jasper, Banff, Yoho, Kootenay, Glaciar op ons lijstje stond kwam dit ons voordeliger uit. We waren nog maar net in het park en het was valavond toen ik opeens moest stoppen voor een eland met een immens gewei die de straat overstak. Je wordt er regelmatig opgewezen dat je aan de vooropgestelde snelheid moet houden omtrent het wildlife, en de politie houdt je goed in het oog. Terecht. De volgende 2 nachten overnachten we op een camping, want wild kamperen is hier verboden. Bij de aankomst op de camping krijgen we enkeke brochures met richtlijnen te volgen rond beren en elanden. Alles moet "bearproof" zijn, dwz geen etenswaren buiten laten liggen, afval in de speciaal voorziene vuilbakken enz. De andere brochure was meer betreffende hoe je je moest gedragen moest je beren tegenkomen en hoe je je moet gedragen als je in de nabijheid komt van een eland. Blijkbaar is het van begin september tot half oktober de periode dat de elanden, wapitis en kariboes bronstig zijn en willen paren. Dat moment kunnen ze vrij aanvallend zijn.

De volgende dag reden we richting Maligne Lake, we passeerden eerst de gelijknamige canyom waar je getuige bent van de kolkende rivier die door de canyon stroomt. Door de immense kracht van de rivier zou de canyon ongeveer 1 cm/jaar uitslijten. De oorspronkelijke wandeling die goed aangeduid is verloopt over 6 bruggen die over de canyon hangen. We deden 2 wandelingen langs de prachtige canyon met op de achtergrond het lawaai van het krachtige water. Na deze stop reden we verder naar Maligne Lake. Tijdens deze rit passeerden we Medicine Lake, die praktisch droog stond omwille van het ontbreken van gletsjerwater. Een bijna droog meer, tis eens iets anders he. Maligne lake is naast de super toeristische Lake Louise en Morraine Lake het meest gefotografeerde meer. Een spiegelglad meer met langs de kant het bekende rode bootshuisje van Maligne tours. Helaas was het wat bewolkt. Ook hier deden we een wandeling van een 3,2 km en reden terug om dan te lunchen met een prachtzicht op Medicine Lake. Na dit alles bezochten we het pittoreske stadje Jasper. Opnieuw hadden we een prachtige dag achter de rug.

Victoria - Cache Creek - Wells Gray park

Deze ochtend vroeg uit de veren met de hoop om de ferry van 9u te halen. We hadden niets gereserveerd, en hier is het..wie eerst komt heeft plaats. Op de autosnelweg zagen we een bord waarop steeds verschijnt voor hoeveel procent de ferry al bezet is. We zagen dat de ferry van 8u nog maar voor 30% volzet was, en daar we er op tijd waren, konden we de ferry van 8u nog nemen. Na 1u35' varen kwamen we weer aan in Tsawwasen en reden we richting Whistler. Maar hiervoor moesten we een stukje door Vancouver, ondanks het zaterdag was, was het immens druk. Om de 50 meter verkeerslichten en pal in het centrum waren er volop werken aan de gang, waardoor je moest ritsen, en dat met een camper van spiegelbreedte 3 meter. Dat was het meest memorabele moment van de reis. Gelukkig zijn ze hier zeer hoffelijk, en hebben ze begrip voor de toeristen met hum campers. Na een stresvol uur reden we Vancouver uit en reden we richting het bekende skistad Whistler. Hier zou een Olympisch stadium staan ten tijde van de Olympische Winterspelen. Tegenwoordig is het een mondain skigebied, dat in de zomer, en nu nog steeds populair is bij mountainbikers. We reden verder op de sea to sky highway met de schitterendd panorama's. De weg kronkelt door beboste gebieden waar de Indian Summer volop begonnen is. Een kleurenpalet van diverse soorten geel en groen sieren het landschap. Groene dennenbossen afgewisseld met de kleurrijke berken..onbeschrijflijk mooi. Het laatste dorpje van de bewoonbare wereld is het farwest dorpje Pemberton. De muziek van The Brokencircle Breakdown uit mijn Ipod kwam hier volledig tot zijn recht. Het perfecte decor....De komende 150 km kwamen we geen dorpje tegen, dus zeker geen tankstation, en moest je zorgen dat je voldoende benzine had. Uren reden we door langs prachtige landschappen tot we opeens het eerste dorpje Lillooet tegenkwamen. Hier tankten we opnieuw, en reden door naar Cache Creek, wat ongeveer nog een uur rijden is. Op zich was het maar een 80 km, maar door de kronkelde wegen door het immense bergmassief doe je er langer over. Vandaag hadden we ongeveer een 6 tal uur gereden, en bleek Cache Creek een ideaal dorpje om te overnachten. We sliepen op Juniper Beach, klinkt heel mooi, maar dat was het ook. Je bevindt je tussen de canyon met een stroom waar enkelen aan het vliegvissen zijn. Een nadeel, het was gelegen aan de spoorweg. De campinguitbaters kwamen met zo'n golfkarretje naar je toe, en tijdens het registreren passeerde de eerste trein. Er leek wel geen eind te komen aan de trein, het duurde zeker 3' vooraleer hij volledig gepasseerd was. Onze camping was gelegen tussen de treinroute Canadian National en Canadian Pacific...dat beloofde voor komende nacht. Al snel deden we een praatje met onze Canadese buren. De nacht verliep al bij al bij vrij rustig, of we waren zeer moe, waardoor we de trein niet hoorden passeren. We genoten van een heerlijk ontbijt aan de picknicktafel en bleven maar genieten van het prachtige uitzicht. We maakten ons klaar en zetten de reis verder via Kamloops naar het meer noordelijk gelegen Wells Gray Park aan het stadje Clearwater. Na een kort bezoekje aan het visitor center reden we het park tegemoet..ons eerste provinciaal park. De eigenlijke ingang van het park ligt 35km van de hoofdbaan, het eigenlijke Clearwater lake lag nog eens 30 km verder. Vandaag was het weer ons opnieuw zeer gunstig en besloten we na ons eerste stop aan de Spahats Falls door te rijden naar het Clearwater lake. De baan is geasfalteerd tot net na de eigenlijke ingang, daarna gaat het over in een gravel weg met kiezelsteentjes en moet je je snelheid echt beperken. Tijdens deze rit kwam er opeens een zwarte beer uit de struiken en wandelde hij op de weg op 2 meter afstand van onze camper. We reden nog langzamer en de beer liep op zijn dood gemakjes naast ons. Nadien ging hij opnieuw de struiken in en stond hij opeens op zijn achterste poten met zijn lichaam te schuren tegen de bomen. We dachten dat hij nadien weg zou gaan, maar neen, opnieuw kwam hij de weg op. Met volle verbazing bleven we kijken naar de beer. Echt een onvergetelijk moment. Is dit geluk of komt het hier regelmatig voor, we weten het niet, maar we hebben het alvast weer meegemaakt. We arriveerden op onze camping...niemand thuis...toch is de camping open. Blijkt dat je zomaar een vrije plaats mag innemen, nadien neem je een envelop en steek je het bedrag er in en post je de envelop gesloten in een daarvoor voorziene brievenbus. Het bewijsje hang je aan een bordje op je staanplaats. Blijkbaar komt er dagelijks iemand langs om alles te controleren. Iedereen registreert zich correct. Hier en daar zie je enkelen een vuurtje stoken, wat hier toegelaten en zeer populair is in Canada. Het begrip van marshmellows op een stokje boven het vuur, wat wij kennen bij bbq's is hier dagelijkse kost.

Campbell River - Victoria

Na onze onvergetelijke start van de reis, rijden we nu naar het zuiden met eindbestemming Victoria. We reden via de Pacific way ipv de highway, zo kom je meer te zien, lokale dorpjes met sjofele bars, alles in wildwest stijl, een beetje te vergelijken met de omkadering van Bobbejaanland, maar dan in levende lijve. Hier en daar een saloon enz...we overnachten in Quaticum bay op een vieuwplaats, met een schitterend zicht op zee. De volgende ochtend lazen we dat overnachten niet toegelaten was, maar ja....We reden verder zuidwaarts met een eerste tussenstop in Chemainus. Een klein dorpje wat eigenlijk lijkt op een levend museum. Het staat vooral bekend om zijn muurschilderingen. Alle gevels zijn voorzien van prachtige tekeningen. Er is speciaal een soort pad uitgestippeld zodat je alle gevels kan bewonderen. Het is een pittoresk, kitcherig stadje. De hoofdstraat bestaat uit kleine versiersde winkeltjes waar ze prullaria verkopen. Het meest in de oog springend was een candy shop die er uit zag als het peperkoekenhuisje van Hans & Grietje. Na dit bezoekje reden we naar Duncan, wat bekend staat als de "totemstad". Wat ons bleef verbazen was dat fietsers en joggers gewoon langs de highway aan het sporten waren. Stel je voor dat in Belgie er fietsers en joggers zijn die fietsen/lopen op de pechstrook van de autosnelweg...Onze stop in Duncan viel wat tegen. In de hoofdstraat staan er inderdaad aan beide kanten totempalen, maar voor de rest stelde het niets voor. Na een korte fotoshoot reden we naar onze eindbestemming Victoria. We bleven 2 nachten op RV park Fort Victoria, waar we voor de eerste keer ons vuil water loosden, en aangesloten waren aan elektriciteit en water. De volgende dag lieten we de camper staan en gingen we met het openbaar vervoer naar Victoria. Wat ons opviel was de sterke invloed van de Engelse kolonisatie in de bouwwerken en versiering van gevels. We bezochten het spectaculaire congresgebouw, dat verbonden is met het poepsjieke Empress hotel, aangelegd met Engelse tuinen. Nadien bezochten we het parlementsgebouw met foto's van Queen Elisabeth. Enkel het gelijksvloers en 1e verdiep is toegankelijk voor toeristen. Overal prachtige glasramen, blinkende vloeren en een blits bezoek aan de huidige kamer van Volksvertegenwoordiging. Bovenaan de zuilen waren gezichten ingewerkt, die stonden voor "wijsheid" als zijnde dat het volk meekijkt in welke beslissingen ze nemen. Na een uurtje cultuur was het genoeg geweest en wandelden we langs de haven richting Market Square, waar tal van typische winkeltjes fairtrade produkten aanbieden, veder ook zeer gezellige sfeerbistro's. Maar met een hele dag heb je meer dan genoeg om Victoria te bezoeken. Onze laatste stop was de liquor store waar we een fles Canadese wijn kochten..Proost!!